Richtlijn Stotteren

In juni 2014 ontvingen wij van onze vakvereniging NVST (Nederlandse Vereniging voor Stottertherapie) de concept richtlijn stotteren. Deze richtlijn bevat aanbevelingen waaraan wij ons al (grotendeels) houden en heeft daarnaast als meerwaarde dat onze werkwijze transparant wordt voor verwijzers en ziektekostenverzekeraars. De belangrijkste aanbevelingen uit dit 163 pagina’s tellende document zijn:

1. Wanneer het stotteren voor het vierde levensjaar is ontstaan, dient behandeling te starten vóór de leeftijd van vijf jaar. De logopedist/logopedist –stottertherapeut volgt het kind gedurende één jaar nadat de eerste stottersignalen zijn waargenomen om te zien of (spontaan) herstel optreedt.

2. Wanneer de ernst van het stotteren gedurende een half jaar niet duidelijk is afgenomen moet behandeling worden gestart. Overwegingen die hierin worden meegenomen zijn: komt er stotteren in de familie voor, het geslacht van het kind (het risico op blijvend stotteren is bij jongens iets groter dan bij meisjes), fonologische vaardigheden, bijkomende stoornissen/problemen, temperament van het kind.

3. Wanneer een kind korter dan een half jaar stottert, wordt wel overgegaan tot behandeling indien: a. ouders bezorgd zijn, b. het kind last heeft van het stotteren, c. het kind praten lijkt te gaan vermijden.

4. Indien een jaar na de eerste stotterverschijnselen de uitslag van het stotteronderzoek hoger is dan ‘zeer licht’, wordt behandeling gestart.

5. Wanneer bij een kind jonger dan zes jaar vermoed wordt dat er sprake is van stotteren, laat de logopedist/logopedist-stottertherapeut ouders de Screenings Lijst Stotteren invullen.

6. Bij kinderen jonger dan zes jaar kiest de logopedist/logopedist-stottertherapeut tussen twee therapie mogelijkheden: DCM (demands and capacity) en de Lidcombe therapie. Ouders worden geïnformeerd over beide benaderingen en in overleg met hen wordt een keuze gemaakt.

7. Bij kinderen ouder dan zes jaar, pubers en volwassenen met een hulpvraag op het gebied van stotteren bepaalt de logopedist/logopedist-stottertherapeut op grond van een inventarisatie op gebied van stottersymptomen, gedachten/gevoelens hierover en de impact van het probleem op het dagelijks leven of behandeling geïndiceerd is en zo ja, waar deze op moet worden gericht.

 

 

 

Tags: kinderen stotteren

Richtlijn Stotteren

In juni 2014 ontvingen wij van onze vakvereniging NVST (Nederlandse Vereniging voor Stottertherapie) de concept richtlijn stotteren. Deze richtlijn bevat aanbevelingen waaraan wij ons al (grotendeels) houden en heeft daarnaast als meerwaarde dat onze werkwijze transparant wordt voor verwijzers en ziektekostenverzekeraars. De belangrijkste aanbevelingen uit dit 163 pagina’s tellende document zijn:

1. Wanneer het stotteren voor het vierde levensjaar is ontstaan, dient behandeling te starten vóór de leeftijd van vijf jaar. De logopedist/logopedist –stottertherapeut volgt het kind gedurende één jaar nadat de eerste stottersignalen zijn waargenomen om te zien of (spontaan) herstel optreedt.

2. Wanneer de ernst van het stotteren gedurende een half jaar niet duidelijk is afgenomen moet behandeling worden gestart. Overwegingen die hierin worden meegenomen zijn: komt er stotteren in de familie voor, het geslacht van het kind (het risico op blijvend stotteren is bij jongens iets groter dan bij meisjes), fonologische vaardigheden, bijkomende stoornissen/problemen, temperament van het kind.

3. Wanneer een kind korter dan een half jaar stottert, wordt wel overgegaan tot behandeling indien: a. ouders bezorgd zijn, b. het kind last heeft van het stotteren, c. het kind praten lijkt te gaan vermijden.

4. Indien een jaar na de eerste stotterverschijnselen de uitslag van het stotteronderzoek hoger is dan ‘zeer licht’, wordt behandeling gestart.

5. Wanneer bij een kind jonger dan zes jaar vermoed wordt dat er sprake is van stotteren, laat de logopedist/logopedist-stottertherapeut ouders de Screenings Lijst Stotteren invullen.

6. Bij kinderen jonger dan zes jaar kiest de logopedist/logopedist-stottertherapeut tussen twee therapie mogelijkheden: DCM (demands and capacity) en de Lidcombe therapie. Ouders worden geïnformeerd over beide benaderingen en in overleg met hen wordt een keuze gemaakt.

7. Bij kinderen ouder dan zes jaar, pubers en volwassenen met een hulpvraag op het gebied van stotteren bepaalt de logopedist/logopedist-stottertherapeut op grond van een inventarisatie op gebied van stottersymptomen, gedachten/gevoelens hierover en de impact van het probleem op het dagelijks leven of behandeling geïndiceerd is en zo ja, waar deze op moet worden gericht.

 

 

 

Tags: kinderen stotteren